Aardbeien

Praktische raadgevingen bij de teelt van aardbeien

Algemeen

Aardbeien groeien op vrijwel alle gronden, maar stellen wel hoge eisen aan de bodemstructuur ; een zuurtegraad of pH van 5,8 à 6,2 is ideaal. Bij een hogere pH is het aan te raden een hoeveelheid tuinturf in te werken om zo de zuurtegraad te verlagen. Het perceel moet goed waterdoorlatend zijn ; dus een goede bodemstructuur bezitten. Het tijdig inwerken van grote hoeveelheden goed geteerde stalmest, gedroogde stalmestkorrels, tuincompost of tuinturf wordt sterk aanbevolen. Ook een goede waterafvoer is noodzakelijk. Alvorens te planten, moeten de nodige meststoffen worden toegediend. Gebruik bij voorkeur hoogwaardige en langzaamwerkende meststoffen. Naar onze ervaring is FLORANID PERMANENT de meest aangewezen meststof. Gebruik hiervan 6 kg per 100 m2. De meststoffen goed met de grond vermengen, waarna kan geplant worden. Het planten gebeurt bij voorkeur op bedden met 2 rijen planten, de plantafstand bedraagt 35 x 35 cm.

De belangrijkste teeltmaatregelen vóór en na het planten

  • Bij aanwezigheid van bodeminsecten zoals koperwormen, emelten of aardrupsen vooraf een bodeminsecticide toepassen, vóór er schade kan optreden.
  • Het uitplanten moet gebeuren op goed bevochtigde niet te natte grond.
  • Bij te droge grond de plantgaten vooraf goed nat maken.
  • Plant niet te diep. Zorg ervoor dat het hart van de plant goed vrij blijft, de wortels van de plant recht in de grond spreiden en de grond rond de planten goed aandrukken.
  • Na het planten elke plant afzonderlijk aangieten met ROVRAL SC om voetziekten (verwelkingsziekte en roodwortelrot) te voorkomen.
  • Het gebruik van gronddoek bij aardbeienteelt is een must omdat de ontwikkeling van onkruiden wordt verhinderd, het uitdrogen van de grond afgeremd, het bacterieleven bevorderd en het opspatten van aarde verhinderd zodat de bessen proper blijven en niet rechtstreeks in contact komen met de grond. Het doorsijpelen van regen en sproeiwater blijft mogelijk. Bij het gebruik van gronddoek is het aanbevolen vooraf een bevloeiingslang onder het doek te leggen om op een efficiënte manier water te geven gedurende de oogst en bij droogteperiodes.

Seizoendragende en doordragende rassen

De planttijd bij gebruik van frigogekoelde planten loopt van begin februari tot half april. Voortrekken in potten van 6 à 7 cm Ø met goede teelaarde zoals STRUCTURAL Nr. 2 geeft een aanzienlijke oogstvervroeging en bevordert de plantontwikkeling. Deze planten zullen reeds het eerste jaar productie geven en na goede verzorging het volgende jaar volop in productie komen. Na de eerste oogst de gevormde uitlopers wegnemen. Goed bijbemesten gedurende de zomer en in de winter afdekken met vliesdoek tegen vorstschade is zeer belangrijk. Bij doordragende rassen wordt aanbevolen om de eerste bloemtrossen weg te nemen om sterk ontwikkelde planten te krijgen met goede oogstvooruitzichten. Bij gebruik van verse planten ligt de planttijd tussen 30 augustus en 15 september, het wegnemen van de eerste bloemtrossen wordt eveneens aangeraden. Per tros 4 vruchten oogsten en dan de gehele tros wegnemen indien er meer dan 3 trossen zichtbaar zijn. Dit geeft grotere aardbeien en meer vruchten per plant. Gedurende de teelt regelmatig bijbemesten. Bij in vollegrond geteelde aardbeien is het aanbevolen om in de winter de planten af te dekken met vliesdoek om vorstschade te voorkomen.

Zéér belangrijk

Het gebruik en de toepassing van kalkcyanamide in de teelt van aardbeien biedt tal van voordelen :

  • bodemschimmels als roodwortelrot en verwelkingsziekten worden sterk onderdrukt.
  • onkruiden worden teruggedrongen en kiemende onkruidzaden vernietigd.
  • slakken en vrijlevende nematoden en andere schadelijke organismen worden gereduceerd, de bodemstructuur wordt sterk verbeterd, calcium en langzaam vrijkomende stikstof komen ter beschikking van de planten.

Ziekte- en insectenbestrijding bij aardbeien

  • VRUCHTROT of BOTRYTIS : voor, tijdens en direct na de bloei spuiten met FORAM 80 WG aan 2,5 g per liter water.
  • VERWELKINGSZIEKTE of VERTICILLIUM - ROODWORTELROT : direct na het planten spuiten, of beter aangieten met ROVRAL SC, aan 1 ml per liter water.
  • BLADLUIZEN : zodra deze worden waargenomen spuiten met TALSTAR 2,5 TB BAYTHROID EC 050, aan de opgegeven dosis.
  • AARDBEIMIJT : deze parasiet kan zeer zware schade veroorzaken bij aardbeien en moet zeer doelmatig worden bestreden. Aardbeimijten zijn moeilijk met het blote oog waar te nemen zodat een preventieve behandeling altijd nuttig en zelfs noodzakelijk is. Spuiten na de winter bij het hernemen van de groei met SANMITE, of direct na de laatste pluk met SANMITE of TALSTAR 2,5 TB BAYTHROID EC 050.
  • WITZIEKTE : na de laatste pluk bij seizoendragende aardbeien en bij gunstige droge en warme omstandigheden de aardbeiplanten behandelen met BAYCOR SC 500, bij voorkeur ‘s avonds.

Bestel nu